| Week 16, 2004: 12 april - 18 april | |
| Mafia | |
![]() Ochtend in Kisiju |
![]() Naar Juani |
| Hoewel de
naam misschien anders doet vermoeden, is Mafia (zie
kaart) een erg rustig eiland. Wat verspreide dorpen,
kokospalmen, cashewbomen, cassave, rotsen, mangrove,
strand en koraalriffen. Volgens de Lonely Planet dankt
Mafia een groot deel van zijn charme dan ook aan het feit
dat er behalve natuur helemaal niets te beleven is.
Ideaal dus. We hadden plannen om een lang weekend naar Zanzibar te gaan, maar zagen ergens een advertentie van Afri Roots hangen. Onder die naam organiseren de Zimbabwaan Tendekayi en zijn Ierse vriendin Elaine vanuit Dar es Salaam tripjes naar eilanden, wildparken en bergen in Tanzania. Met hen tweeën en verder drie Engelsen, twee Canedezen, een Tanzaniaan, een Duitse, een Schot, een Zweedse en een Noor maken wij een vierdaagse reis naar Mafia. Een mooi internationaal gezelschap. De meesten werken een paar jaar in Tanzania, Kenia of Oeganda; de Canadezen zijn op hun weg terug, na een halfjaar als vrijwilligers les gegeven te hebben in Malawi. Mafia is een minder gemakkelijk te bereiken eiland. (Als je je tenminste niet in een klein vliegtuigje naar een hotel voor een paar honderd dollar per nacht wilt laten vervoeren.) Midden in de nacht vertrekken we met z'n veertienen in een afgehuurde daladala uit Dar es Salaam. Eerst een uur rijden over zo'n 60 kilometer asfalt en dan nog twee uur hobbelen over 45 kilometer onverharde weg, naar het kustdorpje Kisiju. Eens in de paar dagen gaat er daarvandaan een boot naar Mafia, als het goed is. Als wij na drieën in het maanverlichte Kisiju aankomen, blijkt de boot die vroeg in de ochtend zou vertrekken, niet te gaan. De boot die had zullen varen heeft geen brandstof en de eigenaar is in Dar es Salaam om daar brandstof te halen. Hij heeft de bemanning gezegd dat de boot onder geen beding mag uitvaren voor hij terug is. Met wat moeite praat Tendekayi de mannen om en hij rijdt helemaal terug naar de asfaltweg om diesel te halen. Wij zijn allemaal moe en gaan om uur of vijf op het strand liggen slapen. Een hazenslaapje van anderhalf uur, tot het licht wordt. Dan komt er onverwacht een andere boot vanaf Mafia aan, groter en degelijker dan de boot die voor ons klaarligt. Daarom wisselen we van boot. Met Tendekayi's diesel erin varen we om negen uur eindelijk weg. In vijf uur over een rustige zee naar Kilindoni, het grootste dorp van Mafia, met onderweg springende dolfijnen. Kisiju en Kilindoni liggen beide gewoon aan het strand. Havens zijn er niet en dus liggen de schepen in zee (als ze bij eb aankomen) of op het strand. Veel grote houten schepen met de typische (volgens kenners: Latijnse) zeilen. Door het lage tij moet onze boot telkens op zee blijven en varen we in kleinere boten van en naar de kust. Mafia is ongeveer 80 bij 15 kilometer en er zijn alleen onverharde wegen. Het zuidoostelijke deel van het eiland is tien jaar geleden tot natuurreservaat uitgeroepen, inclusief de eilandjes, de riffen en een groot stuk van de oceaan voor de kust. Het is het grootste reservaat van de Indische Oceaan. In het oostelijk kustdorpje Utende zijn een paar (bungalow-)hotels, maar wij kamperen er in tenten aan zee, op het terrein van de parkwachters. Vier dagen lang hebben we daar een mengeling van het felle zon en regenbuien. We snorkelen bij de riffen, zwemmen in zee (ook als 'douche') en maken een boottocht naar de overwoekerde ruïnes van een Arabische handelspost op het eilandje Juani. Er zijn resten uit de 13e/14e eeuw, maar wat nog overeind staat zijn vooral de restanten van 18e/19e-eeuwse moskeeën. 's Avonds koken en eten we, zitten we rond het kampvuur en lopen we voor een koele Kilimanjaro door het pikdonker naar een café(!) in het dorp. De terugreis verloopt wat soepeler dan de heenreis (14 uur in plaats van 16 uur), alleen is bij Kisiju het tij erg laag, waardoor we ver uit de kust moeten blijven liggen. Het duurt lang voor er een boot gevonden is die ons naar de wal kan brengen. Net voor het donker wordt zijn we weer aan land. Dan nog een paar uur hobbelen terug naar Dar es Salaam. Middernacht zijn we vertrokken, middernacht zijn we weer thuis. We hebben weer een mooi stukje Tanzania gezien. |
|
| Terug naar weekoverzicht | |