Week 20, 2004: 10 mei - 16 mei
Ukimwi (1)
Beeldend uitgedrukt
"Stuur je geliefde geen aids-virus"
Bel de AIDS-lijn
"Laten we het over aids hebben"
Een zwager van Demetria (onze werkster) is net overleden. Op 39-jarige leeftijd, aan 'iets met z'n longen', volgens Demetria. Een grote kans dat hij aan aids is overleden, volgens Elske. Mensen die op die leeftijd 'officieel' aan longontsteking of diarree overlijden, gaan vaak dood aan de gevolgen van aids. Bij aids-patiënten is het afweersysteem verzwakt, waardoor ze gevoelig worden voor TBC en allerlei andere infectieziekten. En óf ze weten niet dat ze aan aids lijden óf ze verzwijgen het. Want nog steeds rust er een taboe op: ze kunnen door hun familie worden verstoten en als ze al verzekerd zijn voor ziektekosten valt aids vaak niet onder de dekking.
Het Swahili-woord voor aids is ukimwi. Het werkwoord -kimwa betekent 'chagrijnig, landerig zijn' en ukimwa betekent o.a. 'een slecht humeur'. Als eufemisme zou ukimwi ook zoiets kunnen betekenen. (Het woord voor 'economie' bijvoorbeeld, uchumi, is afgeleid van het werkwoord -chuma (verzamelen, oogsten)) Maar ukimwi blijkt een acroniem te zijn van ukosefu wa kinga mwilini. (Net als aids: acquired immune deficiency syndrome.)
Ongeveer 1 op de 12 Tanzanianen draagt het aids-virus, wat neerkomt op zo'n 3 miljoen mensen. (Wereldwijd ca. 40 miljoen, waarvan ca. 30 miljoen in Afrika.) Voor een groot deel volwassenen die een baan (kunnen) hebben en de economie van het land draaiende houden. Als zij doodgaan valt een groot deel van het 'arbeidspotentieel' weg. Ook kunnen zwangere vrouwen de besmetting doorgeven aan hun kind, waardoor baby's met het virus geboren worden. Een doemscenario voor Afrika is dat overal de werkende bevolking zal sterven, waardoor er alleen jongeren en ouderen overblijven en het hele land ontwricht raakt.
Tot nu toe krijgen in heel Tanzania waarschijnlijk maar enkele honderden mensen medicijnen, veelal rijke mensen die de behandeling zelf kunnen betalen.
Met voorlichtingcampagnes probeert de overheid de epidemie in toom te houden. In kranten worden mensen aangespoord zich op aids te laten testen, op reclameborden wordt het gebruik van condooms gepropageerd en er worden informatieve websites gebouwd (bijvoorbeeld www.chezasalama.com). Ook op posters in daladala-haltes, in radio-spotjes, op etiketten van flessen drinkwater en op de hoezen van reservebanden achter op auto's word je voortdurend aan de gevaren van aids herinnerd.
Op de bonnetjes die je krijgt als je met de daladala reist, staat vaak stiekem een strijdkreet vermeld: het brave jihadhari na ukimwi (pas op voor aids), het grimmigere mwendo wa kasi ukimwi vyote vinaua (een hoge snelheid en aids zijn beide dodelijk) of het magische wachawi sasa basi ukimwi unatosha, wat zoveel betekent als: 'Tovenaars, stop er nu maar mee. We hebben genoeg aids!' (Veel mensen geloven dat boze tovenaars verantwoordelijk zijn voor ziektes en rampen).
En elke dag staan er wel een paar berichten over aids in de (Engelstalige) krant. Pasgeleden bleek uit een onderzoek dat 1 op de 6 artsen en verplegers overweegt te stoppen met werken. Ze zijn bang om via hun patiënten zelf met het aids-virus besmet te raken. Door de slechte arbeidsomstandigheden en een gebrek aan handschoenen en antiseptische middelen bestaat er het risico van besmetting; ook kunnen ze het virus oplopen als ze zichzelf per ongeluk verwonden met verontreinigde instrumenten of naalden.
En wat moet je denken van een bericht over een parlementslid dat zou hebben gezegd dat het gebruik van condooms overbodig is? Waarschijnlijk is diegene verkeerd geciteerd en is het alleen een dwaas gerucht, maar er zijn altijd mensen die zoiets geloven. Het parlementslid zou hebben beweerd dat condooms voor Europeanen zijn gemaakt en niet voor Afrikanen, en dat veel Afrikanen de liefde bedrijven in de cassavevelden en daar geen risico lopen omdat het aids-virus in zo'n stoffige omgeving toch niet zou kunnen overleven...
Terug naar weekoverzicht