Week 28, 2004: 5 juli -11 juli
Hoe word je Nederlander?
Dijkdorp
Veilig voor de zee
Bloemenzee
Bloemen uit Nederland
Er gaat iets niet goed in Nederland. Alle avonturiers die hun paradijselijke moederland vrijwillig verruilen voor het grijze, koude en natte Nederland moeten inburgeren in onze open samenleving. En een belangrijk aspect daarbij is de Nederlandse taal. Maar wij hebben begrepen van een ex-docent die les gaf aan niet-Nederlandstaligen, dat de meeste inburgeraars geen woord Nederlands opsteken.
Het gaat ongeveer zo: de Indiër spreekt Urdu met de Pakistaan, de Egyptenaar en de Marokkaan spreken met elkaar in het Arabisch, de Braziliaan en de Colombiaan redden zich met een mengsel van Spaans en Portugees, en de Chinezen maken zich onderling verstaanbaar met gemeenschappelijke elementen uit het Mandarijn, het Kantonees en nog een aantal andere dialecten. Iedereen klit lekker samen met zijn land- of regiogenoten en heeft helemaal geen behoefte aan Nederlands. (Ondertussen is de docent zelf druk bezig zijn Bahasa Indonesia te verbeteren in gesprekken met Indonesiërs.)
Geen enkele vluchteling, asielzoeker, illegaal of toerist leert onze taal. En met andere aspecten van de Nederlandse cultuur zal het niet veel beter gaan. De inburgering is een flop.
Als Nederlanders in Tanzania begrijpen wij heel goed wat er misgaat. Vóór ons vertrek naar Tanzania zagen we alleen de ellende in Nederland: de toenemende agressie op straat, de culturele verloedering en het almaar oprukkende asfalt. Maar in het buitenland zien we ineens weer welke goede en mooie kanten ons land heeft en missen we de dingen die er vanzelfsprekend zijn. De kalenders aan de muur van ons Tanzaniaanse huis herinneren aan dat ware Nederland: land van meren, grachten, schaatsers, tulpen, molens, klompen, lentebloesems, blakende koeien en dikke schapen.
We zijn niet de enigen die hier tot inkeer komen. Koninginnedag wordt op de Nederlandse ambassade uitgebreid gevierd met verse haring, bitterballen en kaas. Ook degenen die in Nederland walgen van de zompige Nederlandse stinkkaas, die kleffe meelballen en zeker geen ranzige haring wil eten, gaan in het buitenland voor de bijl. Tussen de hapjes door worden de vijftien pasgeleerde coupletten van het Wilhelmus meegezongen, met volle mond en uit volle borst.
Tijdens het EK voetbal voelen we ons echte Nederlanders. Van voetbalhaters veranderen we in fanatieke Oranjefans. Wel pas natuurlijk als ons(!) nationale elftal doordringt tot de kwartfinales. (Voor die tijd schelden we als goede Nederlanders op dat stelletje luie multimiljonairs. En daar gaan we weer mee door als het(!) nationale elftal verzuimt een finaleplaats te veroveren.)
Eten! We vergeten dat de Nederlandse keuken van oorsprong bestaat uit niet meer dan hete bliksem, hutspot, zuurkool, boerenkool, koolraap en andijvie en we tellen stiekem alle Indonesische en Surinaamse lekkernijen mee. Evenals het ruime Amsterdamse aanbod van Italiaanse, Mexicaanse, Ethiopische, Indiase, Chinese, Maleisische, Peruaanse en Thaise heerlijkheden. Dat is allemaal Nederlands eten, en daar kunnen ze in Tanzania met hun maispap, bonen en zoute bananen niet aan tippen. Ook van onmisbare etenswaren als stroopwafels en drop hebben ze hier nog nooit gehoord.
Nederlandse kranten, tijdschriften en boeken verslinden we als nooit tevoren. We lezen zelfs de onzinnigste rubrieken, van het colofon tot het weerbericht van een paar weken terug, als ze maar in het Nederlands zijn. En we smullen van de productinformatie op de verpakking van de stroopwafels en de eindeloze lijst met bijwerkingen in de bijsluiter van de malariapillen. (Onze leeshonger is te vergelijken met die van Boudewijn Büchs jeugdige alter ego, zoals beschreven in Het Dolhuis(?): als die na een paar maanden zonder boeken in het ziekenhuis weer buitenkomt, begint hij meteen elk uithangbord te spellen.)
Pas in het buitenland ga je Nederland waarderen. En iemand die dat goed doorheeft is minister Verdonk. Daarom stuurt ze alle gelukzoekers (nadat ze een tijdje van de Nederlandse verworvenheden hebben kunnen proeven) met een oprotpremie ons land weer uit. Ze denkt: Laat ze maar lekker in hun eigen land inburgeren, dat gaat veel beter en kost veel minder! Zo is het. Verdonk is een van de weinigen die snappen hoe het werkt: Nederlander worden lukt helemaal niet in Nederland. Nederlander worden doe je in het buitenland.
Terug naar weekoverzicht