Week 41, 2004: 4 oktober - 10 oktober
Ukimwi (2)
Kisarawe
"Maatschappij, sluit de aids-patiënten niet uit! Geef ze het beste te eten."
Morogoro
"Denk na over de ellende van aids - Denk na over kortstondig plezier - Zeg 'nee' of gebruik een condoom"

Het Tanzaniaanse nationale aids-behandelingsprogramma kan bijna beginnen. De voorbereidingen zijn in volle gang en de eerste medicijnen zijn vanuit India in Tanzania aangekomen. Elske is nog steeds bezig met de beoordeling van ziekenhuizen en de verbeterplannen die daaruit moeten voortkomen. Zodra de medicijnen zijn gedistribueerd naar de ziekenhuizen en artsen zijn getraind, kan er in de 'goedgekeurde' ziekenhuizen begonnen worden met het behandelen van patiënten. (In de praktijk heeft de regering, mede vanwege de verkiezingen in 2005, zoveel haast, dat het haar weinig uitmaakt of een ziekenhuis er wel of niet klaar is...) De eerste patiënten krijgen dan gratis medicijnen, en de behandeling is voortaan toegankelijk voor iedereen die weet en durft te erkennen dat hij aids heeft. Wel moet iemands toestand erg genoeg zijn (dat wil zeggen: het afweermechanisme moet flink zijn verzwakt) om meteen voor behandeling in aanmerking te komen.
In een derdewereldland als Tanzania is zo'n landelijk programma een risico op zich. Je kunt nu al voorspellen dat het allerlei onvoorziene en ongewenste (bij)effecten zal hebben. Ook bestaat het gevaar dat zo'n grootschalig programma volledig vastloopt door overmatige bureaucratie, corruptie en het ontbreken van organisatorisch vermogen. In het ergste geval zal over een paar jaar geconcludeerd worden dat het programma volledig is mislukt, de situatie alleen maar erger is geworden en er weer vele tientallen miljoenen dollars in een bodemloze put zijn verdwenen. In Malawi schijnen magazijnen vol aids-medicijnen klaar te liggen om gebruikt te worden. Maar tegen de tijd dat het zover is, zal de houdbaarheidsdatum van de medicijnen allang zijn verstreken...
De laatste jaren is er in Tanzania veel gedaan aan preventie (condooms) en voorlichting, en er is hoop dat die aanpak als resultaat heeft gehad dat mensen voorzichtiger zijn geworden. Maar als iedereen gratis medicijnen kan krijgen en je aan de gevolgen van aids niet direct meer dood hoeft te gaan, zal dat resultaat waarschijnlijk deels teniet worden gedaan. Weg voorzichtigheid; in de Westerse wereld is dat effect al merkbaar. Het virus zal zich sneller verspreiden dan ooit, vrezen sommigen. Gelukkig is bij patiënten die behandeld worden de concentratie van het virus in het bloed lager, waardoor er minder snel besmetting zal optreden.
Er zijn mensen die zich afvragen waarom er zoveel aandacht is voor aids en niet voor malaria. Het zou kunnen dat de extra aandacht voor aids ten koste gaat van die voor malaria. In Tanzania is malaria in absolute aantallen nog steeds doodsoorzaak nummer één (125.000 doden per jaar; het aantal aids-doden is onbekend, omdat aids-patiënten officieel vaak dood gaan aan tuberculose of huidinfecties). Een argument om toch veel aandacht en geld aan aids te besteden, is dat malaria vooral fataal is voor kinderen onder de vijf jaar en andere zwakke mensen zoals ouderen en zieken. Wie sterk en gezond is gaat vaak niet dood aan malaria. Aids maakt daarentegen vooral slachtoffers in de groep van 18 tot 40 jaar, de groep waar het land economisch gezien het zwaarst op leunt. Als daar de klappen vallen, ligt het hele land op zijn gat.
Meer in het algemeen wordt gevreesd dat de behandeling van aids nadelig zal zijn voor de rest van de gezondheidszorg. Voor het nationale programma is veel geld en menskracht nodig. Als er (veel) geld is voor aidsbehandeling en je artsen speciaal daarvoor gaat trainen, loop je dan niet het risico dat dit ten koste gaat van de verzorging van andere ziektes? Dat het aidsprogramma als het ware de rest van de gezondheidszorg leegzuigt? Er zijn nu al veel te weinig (goede) artsen en verpleegkundigen in het land. Als die zich straks allemaal op aids gaan richten, wordt er bij wijze van spreken niemand meer geopereerd. Dat is een risico. Aan de andere kant is er ook hoop dat de aandacht voor aids juist een positief effect op de gehele gezondheidszorg zal hebben. Dat er nu eindelijk geld is voor extra mensen en apparatuur, die ook voor andere ziektes en patiënten ingezet zullen worden. En dat de moeite die wordt gedaan om ervoor te zorgen dat de ziekenhuizen voldoende uitgerust zijn om aan het nationale programma mee doen, ook de kwaliteit van de gezondheidszorg in het algemeen zal verhogen.
In een arm land als Tanzania staat het nationale aids-behandelingsprogramma natuurlijk niet op zichzelf. Er wordt soms honger geleden en Tanzania heeft te maken heeft met grootschalige milieuproblemen als ontbossing. Als er door de droogte voedseltekorten ontstaan, moet beschikbaar overheidsgeld dan aan eten besteed worden of aan aidsbestrijding? De laatste jaren is er voldoende voedsel in het land, maar het regent structureel te weinig, waardoor er ook veel oogsten mislukken. In de nabije toekomst zou dat opnieuw tot tekorten kunnen leiden. Wat is erger: mensen die doodgaan van de honger of mensen die sterven aan aids? Zal dan ook het argument gebruikt worden dat het voornamelijk de zwakkeren in de samenleving zijn die sterven van de honger en dat vooral de werkende bevolking doodgaat aan aids?
Naar verwachting zullen in elk geval de giraffen en de zebra's blij zijn met het nationale programma. Veel arme mensen met aids, die geen geld hebben voor medicijnen, zoeken nu hun heil bij traditionele genezers, die medicijnen maken van planten en kruiden. Sinds kort is het gerucht ontstaan dat een soep van giraffe- of zebravlees of -vet een middel tegen aids zou zijn. Daarom worden er ineens meer dieren gestroopt en overal worden ontvleesde skeletten gevonden. Als aids-patiënten zonder geld straks gratis medicijnen krijgen, kunnen de giraffen en de zebra's hopelijk weer rustig grazen.

Terug naar weekoverzicht