| Week 15, 2005: 11 april - 17 april | |
| Vreemde bobbeltjes en jeukende tenen | |
![]() Niet Onno's voet |
![]() Onno's voet |
| (Waarschuwing: dit
stuk is misschien niet zo geschikt voor mensen met zwakke
maag.) Na een wandeling door de Udzungwa-bergen in juli 2004 dacht Onno dat hij een likdoorn had. Het was een bobbeltje met in het midden een zwart puntje, bij de kleine teen van zijn rechtervoet, dat zeer deed bij het lopen en steeds groter werd. Een paar weken liep hij ermee rond, tot het knobbeltje na een dagje op het hete strand van Bongoyo losraakte. 's Avonds peuterde hij het uit zijn voet: een langwerpig eeltknobbeltje. Het gekke was dat er vanuit het zwarte puntje een adertje naar het andere uiteinde liep, en dat dat adertje pulseerde. En dat het een eigen leven leek te leiden: het bleef pulseren, nadat Onno het uit zijn voet had gehaald. Hij gooide het maar gauw weg, ook al suggereerde Elske als echte bioloog om er het mes in te zetten en het geval vanbinnen te bestuderen. In Onno's voet bleef een diep gat achter, dat pas na dagen heelde. We dachten nog steeds dat het om een likdoorn ging. Ook toen zich dichter bij de hak een tweede bobbeltje ontwikkelde, met weer zo'n zwart puntje. Onno deed telkens pogingen om het ding uit zijn voet te wippen, maar dat wilde niet lukken. Wel deed het weer steeds meer zeer. En toen Onno er een keer flink op drukte, kwam er, als bij een steenpuist, alleen een hoop etter naar buiten. Niet lang daarna verdween het tweede bobbeltje. Na een wandeling in het Usambara-gebergte met Pasen 2005 begonnen na thuiskomst twee van Onno's tenen te jeuken: de ringteen van zijn linker- en de middelteen van zijn rechtervoet. De dag daarop deden beide tenen zeer. Weer een dag later leek het leed met de linkerteen geleden, het topje van de rechterteen was daarentegen dik en blauw en leek ontstoken. Tijdens het koffiedrinken achter huis bleken de vele mieren die daar rondliepen erg geïnteresseerd te zijn in juist die twee tenen. Normaliter lopen ze ook over onze voeten en tenen, maar merken ze al snel dat er weinig te halen valt en verdwijnen ze weer. Nu verzamelden ze zich in groepjes op de uiteinden van Onno's twee tenen. Daar begonnen ze met z'n allen te knabbelen. Onno zag er weinig kwaad in en herinnerde zich dat bepaalde maden gebruikt worden om wonden schoon te eten. Hij voelde weinig van het geknabbel en liet de mieren dus hun gang gaan. Bij de blauwe rechterteen richtten de mieren hun aandacht op één kant van de nagel. Daar bleven ze een hele tijd knabbelen, om daarna te verdwijnen. Alleen een enkeling bleef er nog wat knibbelen en sabbelen, tot Onno er genoeg van had. Toen joeg hij ook de laatste mieren weg. Er kwam vocht uit de teen en toen Onno op de teen begon te drukken, kwam er bloed uit en een klein beetje pus. Bij Onno's linkerteen bleven de mieren driftig knabbelen, terwijl er eigenlijk niet zoveel aan die teen te zien was. De mieren daar richtten hun aandacht op de bovenste nagelrand. Toen hij later ook genoeg had van het geknabbel aan die teen en hij mieren van zich af schudde, zag hij dat de mieren een klein gaatje in de huid hadden gevreten. Er kwam vocht uit. Onno begon op de nagel te drukken en langzaam kwam er iets wits naar buiten. Het leek op pus, maar het was harder. Onno bleef drukken, tot het hele witte bolletje, een soort larfje, zijn teen uit was. Het witte bolletje had ook twee zwarte puntjes, maar er zat weinig leven in. Op beide tenen druppelde Onno wat jodium, pleisters erom, klaar. Een dag later waren beide tenen weer in orde... Tenminste, dat wilde Onno typen, en had hij ook al getypt. Maar toen hij van beide tenen de pleister lostrok, zag hij dat de linkerteen aan het etteren was. En dat het bovenste kootje van de rechterteen helemaal dik, rond en blauw was geworden. Het zag er niet fris uit. Meteen belde hij de dokter voor een afspraak. De Nederlandse(!) dokter in Dar es Salaam zei direct: 'Dat ziet er uit als "jiggers"', zandvlooien in het Nederlands. Met wat verdovende zalf op zijn tenen kwam Onno op de behandeltafel te liggen. De dokter sneed met een scherp mesje Onno's rechterteen open en pulkte ook de linkerteen nog wat schoon. Met beide tenen in een verband en een tube antibacteriële zalf op zak kon Onno weer naar huis. Het kon wel even duren voor de tenen helemaal genezen waren, zei de dokter. Elke dag de wond schoonmaken in een sopje van wasmiddel en de teen weer verbinden. De zandvlo (tunga penetrans) is een kleine vlo (1 mm) die in een zanderige, stoffige omgeving goed gedijt, vaak ook in de buurt van varkens, kippen en honden. De vlooien springen niet erg hoog en daarom boort het vrouwtje dat haar eitjes wil leggen zich bij mensen vooral in de voeten. Vaak in de zachte huid onder de nagels of tussen de tenen. Daar vreet ze zich met de kop naar voren naar binnen, totdat de kont nog net bij het huidoppervlak is. Al levend op de lichaamssappen van haar gastheer zwelt de vlo in enkele weken in de huid op tot de grootte van een erwt van maximaal 1 cm. (Dat was dus het 'larfje' dat Onno uit zijn linkerteen drukte.) Deze zak vol duizenden eitjes loopt daarna via de achterkant van de vlo naar buiten leeg. De groeiende vlo veroorzaakt een ontsteking en jeuk. Nadat de eitjes zijn uitgestoten, blijft vaak een kleine zweer achter. Maar als de plek niet goed schoon is en bijvoorbeeld delen van de vlo of de eitjes achterblijven, lijdt dat in zeldzame gevallen tot tetanus of gangreen (koudvuur). Soms verliest iemand zijn teen ('autoamputatie'), een enkeling gaat eraan dood. Zulke 'bijverschijnselen' zijn Onno gelukkig bespaard gebleven. Demetria, onze wasvrouw, vertelt nog dat het vroeger in haar geboorteplaats Bukoba (zie kaart) stikte van de funza (zandvlooien). De huizen en hutten hadden geen vloeren en daarom strooide iedereen bladeren op de grond, met daaroverheen eventueel een rieten mat. De bladeren moesten elke maand ververst worden, maar tegen het einde van de maand of als ze te lang wachtten, sprongen er heel wat zandvlooien in rond. Veel kinderen, die de hele dag op blote voeten liepen, kregen last van de funza. Meestal maar een stuk of twee, maar soms ook meer. Dan zagen hun voeten eruit zoals op de linker foto. Ook heeft Demetria in haar jeugd een man gezien die van de funza niet meer kon lopen en wiens hele lichaam er zo uitzag als die voet. |
|
| Terug naar weekoverzicht | |